Category Archives: Salads & Side Dishes

Slaatje van radicchio rosso en pancetta

Elk jaar, en dit al sedert 1900,  wordt op 4 november in Treviso en omstreken de radicchio rosso in de kijker gezet, één van mijn favoriete groenten. Deze kleurrijke groente die er uit ziet als een kool is krokant en knapperig en heeft een wat bittere smaak.

Er zijn een paar verschillende soorten op de markt, in verschillende vormen. De radicchio di Castelfranco heeft lossere bladeren en deze zijn iets meer gemarbreerd. Deze radicchio wordt meestal rauw in salades verwerkt, maar zij die van deze bitterheid houden maken er ook soep van of voegen ze toe aan een stoofpotje.

Ik hou vooral van de radicchio rosso van Treviso, die er uitziet als een Romeinse sla, met losse bladeren, langwerpig en met de typische rode kleurschakeringen. Deze radicchio is minder bitter en is pas te verkrijgen in november. Ook deze radicchio is te verwerken in slaatjes, maar ook in pastasausen, risotto, of op de grill.

De radicchio rosso di Treviso bestaat in twee soorten, de precoce – de vroege – en mijn favoriet, de tardivo di Treviso. De tardivo is de late versie omdat die te verkrijgen is va november tot januari. Deze radicchio heeft iets langere en lossere bladeren met scherpe omgekrulde uiteinden. De nerven zijn uitzonderlijk wit en de bladeren zijn zeer diep paars van kleur. Niet alleen lekker maar het is ook een uitzonderlijk mooie groente.

De radicchio krijgt zijn prachtige kleuren door de manier waarop ze geteeld worden. Indien ze op natuurlijke wijze zouden groeien zouden ze waarschijnlijk gewoon groen zijn en zeer bitter. Maar ze worden halfweg hun groei afgedekt met aarde of stro en gedroogde bladeren, waardoor ze geen licht meer krijgen. Ze blijven dus verder groeien in het donker en krijgen zo die prachtige kleuren.

De radicchio rosso di Treviso zijn de meest gekende en voor mij ook de beste (alhoewel die van Verona en de radicchio di Chioggia ook lekker zijn – en trouwens veel gemakkelijker te vinden bij ons). Het moet te maken hebben met de samenstelling van de bodem en vooral het water. Treviso, is één en al water, wegens al de kanalen en rivieren, het wordt niet voor niets ‘città d’acqua’ genoemd. En dat water speelt een grote rol bij de techniek van het telen van de radicchio, die natuurlijk in de loop der tijden geëvolueerd is.

Wat weinigen weten is het een Belg was, die de techniek rond 1860 heeft op punt gezet, namelijk Francesco Van Den Borre. Deze techniek wordt imbianchimento genoemd.

De planten worden geoogst, de buitenste bladeren worden verwijderd en dan in manden gezet. Deze worden dan een paar dagen in donkere hangars geplaatst met de wortels constant onder stromend water van rond de 15 graden. Daardoor krijgen de bladeren die dieprode kleur. De radicchio is nu bijna klaar, de buitenste bladeren gaan er terug af en ook de wortel wordt nu verwijderd.

Omdat het vandaag de Festa del Radicchio rosso di Treviso is maken we dit slaatje met pancetta en radicchio.

Wat heb je nodig?

  • 1 krop radicchio rosso
  • Pijnboompitten
  • Rucola
  • pancetta

Hoe maak je het?

Rooster de pijnboompitten in een droge pan tot ze mooi goudbruin zijn. Bak de pancetta tot hij helemaal krokant is. Haal uit de pan en laat afrduipen op keukenpapier.

Snij de radicchio in twee en grill deze met de snijkant naar beneden in een grillpan. Het is gemakkelijker om de radicchio zo te grillen, want zo valt hij niet uit mekaar. Wanneer je grillstrepen hebt op de radicchio draai je hem nog eens snel om. Haal uit de pan en snij in kleinere, beetgare stukken.

De vinaigrette

Maak een vinaigrette op basis van olijfolie en balsamico. Mocht je radicchio heel bitter zijn kan je er ook nog een beetje honing bij doen.

Verdeel de rucola over de borden, en doe er dan de pancetta en gegrilde radicchio rosso boven op. Werk af met de geroosterde pijnboompitten, peper en zout en wat verse parmezaanse kaas. Giet er pas op het laatste de vinaigrette over.

Je zou dit slaatje natuurlijk ook kunnen maken in de zomer bij de barbecue. Radicchio rosso is eigenlijkmaar op zijn best laat op het jaar. De kleine kropjes die je soms in de zomer ziet zijn eigenlijk warmweer radicchio en redelijk bitter. Hoe later op het jaar, hoe zoeter van smaak dus. Toch is radicchio ook lekker op de grill, afgewerkt met wat goede olijfolie en peper en zout.

Een tip: volledige rauwe bladeren radicchio verwerken in een salade is mooi voor het oog, maar radicchio is soms bitter. Je kan die bitterheid vermijden door de krop radicchio eerst middendoor te snijden en dan DIAGONAAL in kleinere stukken te versnijden.

NM.

Symfonie van zachte mozzarella, parmaham en gegrilde perzik

Zaterdag begon in Parma (Emilia-Romagna – Italië) de twintigste editie van het Parma Ham Festival. Het festival loopt tot 10 september en biedt de bezoekers via de “Finestre Aperte” – Open Deuren – de gelegenheid om het productieproces te bezichtigen en natuurlijk de befaamde én heerlijke prosciutto di Parma te proeven. Wij gaan vrijdag en zaterdag even kijken in Parma, maar brengen nu al dit gerecht, een symfonie van zachte mozzarella, parmaham en gegrilde witte perzik. Mozzarella di Bufala Campana, gegrilde witte perziken en prosciutto di Parma zijn de drie sterren van dit geweldig lekkere recept. Werkelijk om duimen en vingers van af te likken.

Mozzarella di Bufala is een mozzarella gemaakt van de melk van de waterbuffel. Deze melk is zeer rijk en dat vertaalt zich ook in de productie: je hebt slechts 5 liter nodig om 1 kilo mozzarella te maken tegenover 8 liter koemelk. Mozzarella komt van het werkwoord “mozzare” en betekent afsnijden. Bij het maken van de kaas met de handen ontstaan slierten, en die worden met een vloeiende beweging van duim en wijsvinger afgeknipt en tot bollen gevormd. Gebruik voor dit recept goede, verse mozzarella die lekker zacht en vochtig is. Ik gebruik voor dit recpt altijd witte perziken, omdat ik ze hier voor beter geschikt vind dan de gele.

Wat heb je nodig?

  • Mozzarella di Bufala
  • Witte perziken, rijp maar stevig
  • olijfolie
  • Prosciutto di Parma – Parmaham
  • Verse basilicum
  • Rucola of raketsla
  • Wat vers citroensap
  • Zout en vers gemalen zwarte peper

Hoe maak je het?

Maak je borden volledig klaar voor je de perziken op de grill doet, want je wil dit gerecht serveren terwijl de perziken nog warm zijn.

Breek of snijd de mozzarella in beetgare broken en verdeel deze over een serveerschotel of individuele borden. Versier met wat verse basilicumblaadjes. Doe de rucola in een mengkom en druppel er de olijfolie en wat druppels citroensap over. Meng dooreen en schik ook dit op de serveerschotel. Druppel ook wat goede olijfolie over de mozzarella. Kruiden met peper en zout. Verdeel nu de parmaham over de schotel.

Nu moet het snel gaan. Snij de witte perziken in vier, smeer de snijzijde in met een klein beetje olijfolie en leg ze op de hete grill. Als ze beginnen te bruinen, draai je ze een kwartslag om. Laat ook deze zijde bruin worden en schik de stukken warme witte perzik op de serveerschotel en dien warm op.

NM.

Slaatje van watermeloen, feta en zwarte olijven

Er zijn watermeloenen in overvloed tijdens de zomer en daar kan je veel mee doen. Ik leg graag stukken watermeloen op de grill, en bestrooi ze daarna met een beetje chilipeper en limoen zout (zie recept). Of je verwerkt de watermeloen in een zomerse cocktail, zoals de watermeloen mojito (zie recept) of de watermeloen martini (zie recept).

De watermeloen is het ideale zomerfruit: het bevat 90 % water, dus dorstlessend en verfrissend, en het is krokant, dus ideaal om te verwerken in een slaatje. We kozen voor een variant van een klassieke Griekse sla, waarbij we de tomaat vervangen door watermeloen.

Wat heb je nodig?

  • ½ een watermeloen, geschild, ontpit en in stukjes gesneden
  • feta kaas, in blokjes
  • handvol zwarte olijven
  • handvol platte peterselie
  • muntblaadjes, grof gehakt
  • 1 rode ui, fijn gesneden in ringen
  • olijfolie

Hoe maak je het?

Snij alle ingrediënten in beetgare stukken en dresseer op een serveerschotel. Kruiden met peper en zout en werk af met een fijn straaltje olijfolie of een passende vinaigrette. Geef er wat krokante broodjes bij.

NM.

 

Gegrilde aubergine met chimichurrisaus

Gegrilde aubergines – één van mijn favoriete zomergroenten – is een typisch zuiders gerecht. Bij veel Italiaanse gerechten wordt als contorni heel dikwijls gegrilde aubergine geserveerd. Je kan het ook als vegetarisch gerecht bij de BBQ serveren, maar ook de vleeseters zullen blij zijn.

We serveren de dikke schijven aubergine met een pittige chimichurri saus uit Argentinië. Ook de aubergine gaan we met een kruidenmengeling bestrooien, zodat deze ook wat meer pit krijgt. De aubergine gaat op de grill en krijgt daardoor ook nog wat rook- en grillsmaak. De buitenkant krijgt een mooi korstje en het vruchtvlees binnenin is zacht en smelt in je mond. Je kan deze aubergineschijven warm of op kamertemperatuur serveren.

Wat heb je nodig?

Voor de aubergine

  • 2 grote aubergines , in schijven van ongeveer 1 cm gesneden
  • 2 theelepels chilipoeder
  • 2 theelepels gerookt paprikapoeder (Pimentón de la Vera of Hongaarse paprika)
  • 1 theelepel komijnpoeder
  • 1 theelepel koriander (poeder)
  • Peper en zout
  • Olie om te grillen

Voor de chimichurri

  • 2 teentjes look, fijn gesneden
  • Een handjevol fijn gesneden platte peterselie
  • Een handjevol verse koriander
  • 1 EL gedroogde oregano
  • ¼ theelepel zwarte peper
  • 1 sjallot, fijn gesnipperd
  • 1 pikante chili
  • Het sap en de zeste van een citroen
  • 1 EL rode wijnazijn
  • Zout
  • 75 ml olijfolie

 

Hoe maak je het?

De chimichurri

Doe alle vaste ingrediënten – uitgezonder de olie en het zout – in  een foodprocessor of een vijzel en zorg dat je een fijne massa krijgt. Voeg er net genoeg olie bij tot je een dikke maar toch lopende saus hebt. Doe er een snuifje zout bij tot de smaak goed zit. Zet weg tot je saus nodig hebt.

De aubergine

Zet de grill op een middelmatige temperatuur (ongeveer 180 graden). Doe de kruiden in een kom. Snij de aubergine in schijven van ongeveer 1 cm dikte. Wrijf ze in met wat olijfolie en bestrooi ze met de kruidenmix.

Leg de aubergineschijven op de grill en grill ze tot je grillsporen hebt en draai ze dan om. Haal van de grill wanneer ze gaar zijn. Leg ze op een serveerschaal en giet er wat chimichurri over.

Wijnsuggestie

Serveer er een stevige Cabernet Franc uit Mendoza bij.

NM.

 

Geroosterde kohlrabi met crumbled feta

Kohlrabi of Koolrabi is één van die groenten waar de meeste mensen straal voorbij lopen. Toegegeven, de groente ziet er als een spoetnik of één of ander buitenaards wezen uit. En toch is deze ronde groene bol met veel antennes een hele lekkere en gezonde groente. De ronde knol is geen wortel maar een verdikking van de stengel en is ook gekend als Duitse raap of raapkool. De milde, zoete en toch peperige smaak heeft wat weg van de smaak van raapjes en de textuur is krokant – eigenlijk een beetje als een appel – dus je kan ze ook rauw verwerken in een slaatje. Verwijder daarvoor de bladeren en schil de knol.

Ze behoren tot de klasse van de vergeten groenten, en we hebben ze dan voor de foto ook een retro tintje gegeven.

We hebben met kohlrabi al eens een witte ossobucco met mosterdsaus gemaakt (zie recept). Maar vandaag staat de geroosterde versie op het menu: het geroosterde vruchtvlees van de kohlrabi is zacht en heel smaakvol, een beetje zoals een artisjokhart. We werken de geroosterde kohlrabi af met stukjes feta, een snuifje chilipeper en wat geroosterde sesamzaadjes. Heel lekker als bijgerecht of als vegetarisch hoofdgerecht.

Wat heb je nodig?

  • 8 kohlrabi
  • 1 stuk feta
  • rode chilipeper vlokken
  • verse tijm
  • geroosterde sesamzaadjes

Hoe maak je het?

Verwarm de oven op 200 graden.

Neem een grote ovenplaat. Snij de kohlrabi in twee en leg ze met de snijkant naar boven op de schaal. Besprenkel met wat olijfolie en kruid met peper en zout. Zet weg in de oven en rooster tot de stukken kohlrabi gaar zijn, ongeveer 1 uur afhankelijk van je oven. Het vruchtvlees moet zacht zijn en je moet het er gemakkelijk kunnen uitlepelen.

Haal ze uit de oven, bestrooi met de stukjes feta, de verse tijm, chilipeper en geroosterde sesamzaadjes en/of platter peterselie. Dien warm op.

NM.

Gevulde aardappelen in de oven

Walpurgisnacht

Walpurgisnacht wordt gevierd in de nacht van 30 april op 1 mei. Het volksgeloof wou dat tijdens die nacht de boze geesten vrij spel hadden. Eén van de tradities rond Walpurgisnacht is Beltane, een Keltisch voorjaarsfeest, waarop het begin van de lente gevierd wordt met grote vreugdevuren. Ook de Vikingen ontstaken bijvoorbeeld grote vuren om de kwade geesten op een afstand te houden. Want tijdens de Walpurgisnacht komen de heksen uit alle hoeken en gaten tevoorschijn om op bezemstelen of geitenbokken door de lucht te suizen, op weg naar het heksenbal met duivels en demonen.

Een krokant korstje

 

We hebben ook een vreugdevuur aangestoken, niet om de heksen weg te houden, maar om te koken. Onze keuze viel op met spek en ajuin gevulde aardappelen in de oven (je zou ook op een kampvuur kunnen maken). Die hebben we van een goudbruin korstje voorzien dankzij de geraspte kazen Spécial Cuisine Entremont. Niet zomaar een ingrediënt, ze geven je recept die onmisbare toets van smaak en plezier die jouw gerecht uniek maakt. De geraspte kaas Special Gratin is iets grover dan de geraspte kaas voor pasta en bezorgt elk gegratineerd gerecht een verleidelijk goudgeel en perfect krokant korstje.

 

Wat heb je nodig?

  • 6 middelgrote stevige aardappelen
  • 300 gram geraspte kaas van Entremont
  • 1 grote ajuin, fijn gesneden
  • 8 sneden gerookte spek, fijn gesneden
  • 3 EL room
  • 3 EL olijfolie
  • 40 gram boter
  • Platte peterselie, fijn gesneden

Hoe maak je het?

Verwarm de oven voor op 200 graden. Was de aardappelen en prik ze in met een vork. Wrijf ze lichtjes in met wat olie en kruid ze met peper en zout. Leg ze op een ovenschaal en bak ze in de oven gedurende ongeveer een uur. Of tot het vel krokant is en ze zacht genoeg zijn. Laat ze afkoelen.

Ondertussen maken we de vulling klaar. Warm een lepel boter en olijfolie op in een pan en stoof daar de fijn gesneden ajuin in. Haal uit de pan wanneer de ajuin goudbruin en gaar is. Bak de in stukjes gesneden gerookte spek krokant in dezelfde pan. Haal uit de pan en laat uitlekken op keukenpapier.

Ondertussen zijn de aardappelen voldoende afgekoeld om te bewerken. Snij elke aardappel in de lengte door. Haal er met een lepel het meeste uit, zodat enkel nog het vel met een dun laagje aardappel overblijft.

Meng de zachte aardappel met de room en een EL boter. Kruid met peper en zout. Meng hier de ajuin en de stukjes spek onder, samen met ongeveer tweederde van de kaas en de helft van de peterselie. Vul hiermee de lege aardappelhelften op en werk af met de overblijvende kaas.

Leg de aardappelhelften terug op de ovenschaal en bak nog 10 tot 15 minuutjes, tot de kaas mooi gesmolten is en er zich een mooi krokant korstje heeft gevormd. Haal uit de oven en dien warm op.

NM.

Slaatje van spruiten, dadels en hazelnoten

Spruiten (Brassica oleracea var. gemmifera) hebben een ietwat licht bittere smaak en zijn daarom niet bij iedereen geliefd, zeker niet bij kinderen. Het blijft altijd een hele opgave om kinderen spruiten te doen eten, dus zijn we creatief bezig geweest. Een recept dat zeker succes heeft zijn spruiten sweet and sour, een beetje zoals de hot and sour savooi (zie recept). Een ander recept met spruiten waar ik helemaal weg van ben, is dit gezond vegetarisch slaatje van rauwe spruiten, medjoul dadels en geroosterde hazelnoten.

De spruiten worden niet gekookt noch geblancheerd, we gaan ze gewoon rauw in fijne julienne snijden, zodat ze licht en verteerbaar worden. We voegen er een zoet element aan toe, namelijk Medjool dadels uit Marokko. Ze smaken heel zoet, een smaak die te vergelijken is met honing en hebben een dikke, maar zachtere textuur dan andere dadels. Het zijn de Rolls Royce onder de dadels en worden soms ook wel eens “het brood van de woestijn” genoemd.

We hebben dan nog een crunchy element nodig en daarvoor nemen we rode ajuin en geroosterde ongezouten hazelnoten. Dadels en hazelnoten zijn sowieso een goede combinatie.

We overgieten dit gezond slaatje met een vinaigrette van ciderazijn en maple syrup. We doen er een snuifje cayennepeper bij voor de kick en wat zeste van appelsien voor de citrussmaak. Een winner, geloof me! 

Wat heb je nodig? Voor 4 tot 6 personen

  • 500 gram spruiten
  • 10 medjoul dadels
  • Een handvol ongezouten geroosterde hazelnoten
  • ½ rode ajuin
  • 70 ml ciderazijn
  • 2 EL maple syrup (esdoornsiroop)
  • Cayennepeper
  • Zeste van 1 appelsien
  • Peper en zout

Hoe maak je het?

Verwijder de lelijkste en verkleurde buitenste blaadjes van de spruiten. Snij het onderste stukje stronk er af. Neem een scherp mes en snij de spruiten in julienne.

Ontpit de medjoul of medjool dadels en snij ook deze in fijne stukjes.

Je kan de hazelnoten in grove stukken snijden of ze pletten. Steek ze in een diepvrieszakje en sla er wat op met een deegrol tot je de gewenste grootte hebt. De hazelnoten zorgen voor de crunch in je slaatje.

Als laatste ingrediënt snijden we een kleine rode ajuin in fijne lamellen.

Alle ingrediënten mogen in een grote kom of op een grote serveerschotel.

De dressing

Meng de olijfolie, de ciderazijn, de maple syrup samen met het zout, de peper en wat cayenne peper. Controleer de smaak: je moet net genoeg zuur en zoet hebben en een beetje kick van de cayenne. Voeg er dan zeste van de appelsien bij. Giet deze vinaigrette net voor het opdienen over het slaatje. Meng goed dooreen.

NM.

 

Hot and sour savooikool

Savooikool (Brassica oleracea var. sabauda) is één van de variëteiten uit de kolenfamilie. De smaak en ook de textuur van het blad ervoor dat deze kool niet meteen bij de populaire groenten worden gerekend. En toch is de savooi heel gezond en een belangrijke bron van vitamines en voedingsvezels.

Je kan savooi natuurlijk in een lekkere stamppot verwerken en serveren met lekkere braadworsten, maar er zijn meer opties voorhanden. Ik heb dit gerecht voor de eerste keer uitgeprobeerd op Thanksgiving en het was een groot succes, zelfs bij de kleine Nullam’s die normaal gezien hun neus ophalen voor savooi en spruiten. Ondertussen heb ik de receptuur nog een beetje bijgewerkt.

Om de bladeren iets zachter te maken en de kooktijd te verminderen heb ik ze eerst in gezouten water geblancheerd. Daarna heb ik ze in grove stukken gesneden. Ik koos voor een bereiding waarbij ik de stukken geblancheerde savooikool zeer snel aanbak in olijfolie met een teentje look en rode chilipeper, om er een pikante toets aan te geven (hot). Eens de stukken savooi gaar zijn, mogen ze uit de pan en overgiet je ze met de vinaigrette, op basis van rode wijnazijn (zuur) en maple syrup (zoet). En dat geeft je een lekker hot and sour savooischotel, een ideaal bijgerecht. Je kan zelf spelen met de hoeveelheden om de nadruk op heet of op zuur te leggen, volgens je eigen voorkeur. En je kan deze techniek ook gemakkelijk op spruiten toepassen.

Wat heb je nodig? Voor ongeveer 8 porties

  • 1 savooikool (of 1 kilo spruiten)
  • 4 EL olijfolie
  • 1 teentje look
  • 60 ml rode wijnazijn
  • 1 EL maple syrup
  • 2 pompoenzaadjes (pepitas)
  • 3 takjes verse tijm
  • ½ theelepel rode chilipepervlokken

Hoe maak je het?

De vinaigrette

Meng de rode wijnazijn, de maple syrup, een snuifje zout en een draai van de pepermolen in een mengkommetje en roer even om.

De Savooikool

Verwijder de buitenste bladeren van de savooi. Verwijder de harde nerven van de andere bladeren en snij deze in beetklare stukken. Blancheer een minuut in gezouten water. Laat uitlekken.

Verwarm de olijfolie in een pan en doe er het fijn gesnipperd teentje look en de rode chilipepervlokken bij. Laat een minuutje garen zonder dat de look aanbrand. Bak hierin nu de grove stukken savooi tot ze gaar zijn.

Wanneer de stukken savooi gaar zijn mogen deze uit de pan en in een serveerkom- of schotel. Giet er de vinaigrette over en werk af met de takjes tijm en eventueel wat geroosterde zonnebloempitten en fijn gesneden lente-uitjes. Dien warm op.

NM.

 

Groene linzen, prosciutto en paprika salade

4226

Groene linzen staan regelmatig op het menu omdat ik ze gewoon graag eet. Vooral de linzen van du Puy vind ik heerlijk, samen met die klein zwarte, die zo goed op beluga kaviaar lijken. Ze houden zeer goed hun vorm bij het koken en dat vind ik een voordeel want ik eet ze beetgaar. Het gerecht voor vandaag is een salade van ‘al dente’ gekookte groene linzen gemengd met gesauteerd sjalotten, wortelen en paprika, en afgewerkt met een bijpassende vinaigrette. Je kan deze salade zowal koud als lauwwarm eten. Dit is de vegetarische versie, waaraan ik wat kort gesauteerde prosciutto heb aan toegevoegd, omdat die aardse smaken van linzen en prosciutto zo goed passen bij de wat zoetere smaak van wortel en paprika.

We zouden het hierbij kunnen laten want dit is al een heerlijke en voldoende maaltijd op zichzelf, maar je kan deze salade ook perfect gebruiken als basis voor vis,  varkenshaasje en ook eendenborst. Heel lekker met een glas pinot noir.

Wat heb je nodig?

  • 500 gram Groene linzen du Puy
  • 6 sneetjes prosciutto di  Parma
  • 150 gram wortel
  • 150 gram rode paprika
  • 2 sjalotten
  • olijfolie
  • platte peterselie
  • verse tijm
  • 2 EL rode wijnazijn
  • 1 EL Dijon mosterd
  • Zout en vers gemalen zwarte peper

6338

Hoe maak je het?

De mise en place bestaat in het fijn snipperen van je belangrijkste ingrediënten. Spoel de linzen onder koud stromend water.  Snij de wortel en de rode paprika in zeer kleine stukjes. Snipper de sjalotten fijn.

Kook de groene linzen in ongeveer een liter water tot ze beetgaar zijn. Breng eerst het water aan de kook, voeg de linzen toe en verminder dan het vuur tot licht sudderen. Zet het deksel op de pan. Na ongeveer 30 minuten zijn de linzen klaar en mag je ze afgieten.

Snij de prosciutto in kleine stukjes. Warm een eetlepel olijfolie in een zware pan en sauteer de stukjes prosciutto onder voortdurend roeren, tot ze licht gebruind zijn. Voeg er dan de fijn gesnipperde sjalotten bij. Na een drietal minuten mogen nu ook de stukjes wortel en rode paprika erbij. Deze hebben ongeveer een vijftal minuutjes nodig om beetgaar te worden.

Maak ondertussen de vinaigrette. Neem een mengkom en klop daarin de rode wijnazijn en mosterd op. Giet er nu in een fijn straaltje ongeveer 75 ml olijfolie tot je een emulsie hebt. Kruid met peper en zout.

Meng de groene linzen met de prosciutto en de groentenmengeling. Controleer de kruiding en pas aan indien nodig. Meng er de fijn gesneden platte peterselie en de verse tijm onder. Giet uit op een serveerschotel  en werk af met de vinaigrette.

NM.

6339

Slaatje van quinoa, snel geroosterde tomaten en gegrilde halloumi

2831

Voor vandaag een gezond slaatje dat niet gebonden is aan de seizoenen. De basis is quinoa, het gezonde en voedzame superfood. Ik vind het nog altijd raar om in 2016 te moeten lezen dat dit het nieuwe superfood is, terwijl quinoa al eeuwen bestaat. Trouwens, 2013, was het door de VN uitgeroepen Internationale Jaar van de Quinoa. We gaan dit slaatje wat bijwerken met een aantal ingrediënten uit het Middellandse Zeegebied en het Midden Oosten. De vinaigrette maken we heel kruidig door het komijnpoeder en het paprikapoeder. Wens je nog pittiger, vervang dan de paprika door chilipeper. De rode ajuin, platte peterselie en munt vervolledigen de frisse elementen. We geven er wat geroosterde tomaten bij en gegrilde halloumi uit Cyprus. En het pittabrood grillen we met za’atar, het geheime wapen uit de Midden-Oosterse keuken. Dit zou iedereen in huis moeten hebben.

Wat heb je nodig?

  • 4 tomaten (San Marzano, trostomaten)
  • ½  rode ajuin, in fijne ringen gesneden
  • Halloumi
  • 150 gram quinoa
  • 1 EL rode wijnazijn
  • 1 theelepel komijnpoeder
  • 1 theelepel gerookt paprikapoeder
  • olijfolie
  • 1 theelepel komijnpoeder
  • Platte peterselie
  • Verse muntblaadjes
  • pitabrood
  • za’atar

6966

Hoe maak ik het?

We beginnen met de (kort) geroosterde tomaten, want die kan je al voorhand klaarmaken. Verwarm de oven op 200 graden. Leg de tomaten in een ovenschaal, besprenkel met een lepel olijfolie en wat zout. Rooster de tomaten gedurende 25 minuten, tot dat ze gerimpeld zijn. Laat afkoelen.

Maak een vinaigrette met de rode wijnazijn, olijfolie, komijnpoeder en paprika. Snij de rode ajuin in fijne lamellen.

Kook de quinoa beetgaar en giet af. Kruiden met wat zout. Meng met de rode ajuin en giet er de vinaigrette over. Werk af met de fijn gesnipperde peterselie, een beetje munt, de geroosterde tomaten en de gegrilde halloumi.

Wrijf het pitabrood in met olijfolie en za’atar en grill tot de broodjes krokant zijn. Serveer met wat yoghurt.

NM.