Nullam goes Islay

9289

Nullam goes Scotland (deel 1)

Een tijdje geleden is een oude droom  in vervulling gegaan: Nullam is single malt whisky gaan proeven. Niet dat whisky ons onbekend is, helemaal niet, maar we waren om allerlei redenen nog nooit in Schotland geweest. De keuze was snel gemaakt want onze voorkeur gaat duidelijk uit naar meer naar turf smakende whisky’s, dus de eindbestemming werd het eiland Islay,  het zuidelijkste van de Binnen-Hebriden. We kunnen hier niet alle foto’s publiceren, maar wil je nog meer zien van de prachtige landschappen en de distillerijen, klik dan door naar onze Pinterest pagina

Na een korte vlucht vanuit Brussel naar Edinburgh, reden we met de wagen naar Inveraray, onze eerste tussenstop en een uurtje verwijderd van de ferry.  Inveraray is de belangrijkste stad in Argyll en gesticht door de Duke of Argyll in 1745. We verbleven er in The Argyll, een klein maar sympathiek hotelletje met prachtig zicht over Loch Fyne en Benn Bhuidhe, en ooit het gastenverblijf van het hertoglijk kasteel van Inveraray. Groot is het stadje Inveraray niet maar het heeft een goed en gerenommeerd restaurant, The George Hotel: zeer goede sfeer en lekker eten, met de nadruk op  lokale producten, zoals lams- en rundsvlees maar ook vis en schelpdieren afkomstig van de lokale vissers uit het nabijgelegen Tarbert en de hele lekkere zalm uit Loch Fyne.  Ook de kaasschotel met lokale kazen (onder andere Stinking Bishop en Isle of Mull Cheddar) mag niet ontbreken. Inveraray heeft zijn bijnaam, “the gateway to the Highlands and Islands”, niet gestolen.

De Ferry in Kennacraig

De volgende morgen moesten we al vroeg uit de veren want we hadden nog een uurtje te rijden langs Loch Fyne vooraleer we bij de vertrekplaats van de ferry in Kennacraig aankwamen. Stel je er niet teveel van voor, het is geen grote haven, maar een weg die gewoon stopt voor de pier, waar de boot “Lord of the Isles” lag aangemeerd.

9244

Na de controle door de havenmeester konden we de boot op: 6 uur ‘s morgens, pikdonker, hevige regen en veel wind en dat voor een twee en een half uur durende tocht over de wilde wateren, richting Islay. Het had allemaal wel iets mysterieus. Dan maar een typisch Schots ontbijt genoten op de ferry, inclusief de black pudding. Het bleef donker tot we ongeveer de haven van Port Ellen binnenvoeren en het eerste wat je ziet is de Port Ellen distillery, producent van de iconische Port Ellen whisky, maar helaas een collector’s item geworden. De distillerij sloot in 1983 en het enige wat er nog gebeurt is de ‘malting’ voor andere distillerijen. Trouwens een zeer typische, wat zoete geur die over grote delen van het eiland hangt. Rond 9.30 uur zetten we voet aan land in Port Ellen.

De Heilige Drievuldigheid

De eerste dag hadden we drie belangrijke tastings voorzien, namelijk bij wat ik de heilige drievuldigheid van de single malt whisky noem, namelijk Laphroaig, Lagavulin en Ardbeg.  Zoals je kan zien op de kaart liggen ze op korte afstand van de pier, en je kan ze niet missen want je rijd bijna van de ene stokerij naar de andere, via een kronkelende  weg die naast de zee loopt.

9367

Ardbeg

We zijn dus rechtstreeks van de boot naar onze eerste afspraak gereden, Ardbeg, de meest gerookte en naar turf smakende single malt whisky ter wereld. Vol spanning volgden we de kustweg tot we vanop een heuveltop (Ardbeg of Àrd Beag in Gaelic betekent trouwens kleine hoogte) de pagoda daken en spierwitte muren van Ardbeg zagen liggen, op een stuk prachtig groen grasland dat aan de zee paalt. Ardbeg produceert al whisky, officieel dan, sinds 1798 en gebruikt de mout van de Port Ellen Maltings. Het is momenteel één van de snelst groeiende single malts, maar ze hebben ook hun deel van de problemen gekend. In het begin van de jaren 80 was het bijna gedaan met Ardbeg maar dankzij een samenwerking met én overname door Glenmorangie zijn ze er langzaam terug bovenop gekomen. Alle stokerijen op Islay hebben trouwens moeilijke tijden meegemaakt want in de jaren 90 was single malt whisky helemaal niet trendy. In tegenstelling tot nu, want de meeste stokerijen zijn nu in buitenlandse handen. Ardbeg is bijvoorbeeld nu in handen van de Franse groep LVMH.

Na een gedetailleerde rondleiding op het domein met een jonge uitstekende gids hadden we het productieproces onder de knie. We hadden ook een Ardbeg tasting geboekt in de ‘Chairman’s Study’, een speciale ruimte waar je in de juiste sfeer komt om de verschillende producten van Ardbeg te proeven. Het is te vergelijken met een schatkamer, waar alle flessen Ardbeg die ooit geproduceerd werden tentoon gesteld staan.

Naast de klassieke 10 jaar oude Ardbeg (46 graden en een fenolgehalte van 50 ppm), mocht ik ook proeven van de Blasda, een licht geturfde versie, de Corryvreckan – 57 graden en een krachtig beest in een fles, de Uigeadail – 54 % en genoemd naar het meer (loch) waar Ardbeg via een pijplijn zijn water haalt, de Rollercoaster – 57 graden en een soort speciale versie ter herdenking van de jaren onder Glenmorangie, en als laatste de Galileo – 49 graden Limited Edition, pas dit op fles getrokken en jawel, er zijn drie capsules van deze Galileo whisky in de ruimte geschoten.

Onnodig te zeggen dat hierna bijna het licht uitging, heel waarschijnlijk omwille van de vermoeiende boottocht. Persoonlijk blijf ik bij mijn favoriet, de klassieke 10 jaar oude Ardbeg, maar was ik aangenaam verrast door de Uigeadail, alhoewel hij lang in de weegschaal lag met de geturfde krachtpatser Corryvreckan (wordt zeker mijn volgende aankoop). De Uigeadail is een 10 jaar oude non chill-filtered Ardbeg single malt, die gerijpt is op bourbonvaten, vandaar de rokerige smaak (turf) met zoete toetsen (sherry en caramel). Ideale lange mooie rokerige afdronk.

Het proeven van de verschillende whisky’s en de geur van zeelucht maakt je hongerig, vandaar een korte maar noodzakelijke stop in de gezellige Old Kiln Café annex shop voor wat traditionele gerechten.

9406

Laphroaig

Om 13.00 uur werden we verwacht bij Laphroaig voor onze volgende tasting. Laphroaig gaat er prat op dat de mensen hun geheim ingrediënt zijn en dat voel je ook bij de rondleiding. Gezellig, net alsof je bij een familie te gast bent. Toch is ook Laphroaig niet meer in eigen handen want ze werden overgenomen door Beam Global Spirits & Wine.

Laphroaig, is Gaelic en betekent zoveel als ‘de mooie uitdieping in de brede baai’, want ook deze distilleerderij ligt vlak aan het water. Je snuift er constant de zeelucht en de geur van turf in, de smaken en geuren die je trouwens ook prominent in hun whisky terugvindt. Alle stokerijen gebruiken omzeggens dezelfde ingrediënten maar het verschil in eindproduct is te wijten aan de menselijke faktor maar vooral aan de ‘stills’, want zij bepalen de uiteindelijke smaak. De meeste stills zijn al stokoud en worden steeds opgelapt en stokerijen willen exacte kopijen als ze toch een still moeten vervangen. De zeven stills van Laphroaig – Ardbeg heeft er bijvoorbeeld maar twee – hebben een zeer unieke vorm en worden ook wel eens de ‘magnificent seven’ genoemd (3 wash stills, 4 spirit stills). Bij Laphroaig gebeurt de  distillatie in twee fases. De eerste fase gebeurt in de wash stills en brengt het alcoholgehalte tot op 22 graden (low wines) en vervolgens gaat de vloeistof door de ‘spirit stills’ (zie foto) waardoor het alcoholgehalte kan gaan tot 68 graden. Hier zit natuurlijk het geheim van elke stokerij, namelijk tot hoever laten ze de distillatie gaan, want deze bepaalt de uiteindelijke smaak en sterkte. Na deze fase gaat de alcohol rijpen in eiken vaten.

Na de rondleiding , tijd om te proeven. De keuze was hier beperkt tot twee ‘drams’, de klassieke 10 jaar oude naar zeewier en medicijnen ruikende single malt, die al zovele prijzen heeft gewonnen en de 18 jaar oude cask strength van goed 55 graden, een topper met een veel voller smaak, bijna recht uit het vat. Laphroaig drink je best met een paar druppeltjes (ijs)water, om zo de smaak nog beter tot zijn recht te laten komen. De tasting vond plaats in een mooi ingerichte ruimte. De keuze was snel gemaakt en de cask strength met al zijn pk’s verhuisde mee naar Nullamland.

9839

Lagavulin

Om 15.00 uur begon de laatste tasting bij Lagavulin, Gaelic voor “Laggan Mhouillin” en betekent ” het ondiepe dal waar de molen staat”. De distilleerderijeen samenvoeging van twee kleinere distilleerderijen,  bestaat al sinds 1816, alhoewel er op die plek al sinds 1742 (illegaal) whisky wordt gestookt.  Het productieproces op stoom met twee wash en twee peervormige spirits stills is volledig computergestuurd.  Lagavulin haalt zijn water uit een nabij gelegen meertje: het is regenwater uit de bergen dat over de turf- en heidegronden stroomt en zo bijdraagt tot de smaak van de whisky. Daarnaast wordt de whisky gerijpt op bourbonvaten. Lagavulin is de enige van whisky’s van Isaly die in de reeks “Classic Single Malt of Scotland” wordt verkocht. Net als de andere twee, Laphroaig en Ardbeg verdeelt de typische jodium smaak van de whisky de proevers in twee kampen: you love it or you hate it. Zeker geen whisky voor beginners.

De klassieke Lagavulin single malt is 16 jaar oud alhoewel er al een 12 jaar oude cask strength te vinden is die in Pedro Ximenez vaten (PX) gerijpt is. Lagavulin is in handen van de Diageo groep. Voor de kenners en liefhebbers van dure whisky zijn er ook nog gelimiteerde versies te vinden van 21, 25 en  30 jaar oud, maar daar moet je heel diep voor in je portefeuille gaan.

Kilchoman, de boerderij-distilleerderij 

In ons volgende artikel rijden we naar de andere kant van het eiland, op zoek naar Kilchoman (zie artikel).

NM.

© 2016, Nullam Microwaveum. All rights reserved. Unauthorized use and/or duplication of this material without express and written permission from this blog’s author and/or owner is strictly prohibited. Excerpts and links may be used, provided that full and clear credit is given to Nullam Microwaveum and www.nullammicrowaveum.com with appropriate and specific direction to the original content.

One thought on “Nullam goes Islay”

Comments are closed.